|
Het neusje van de zalm De stage is in de opleiding tegelijk ons koninginnestuk én ons troetelkind. Elke leerling loopt twee maanden stage in juni, juli, of augustus. De school en het bedrijf dragen de volle verantwoordelijkheid. De stage wordt grondig voorbereid en begeleid. Het rendementsprincipe mag het leerprincipe niet verdringen. Wat leert de leerling? Op professioneel vlak: techniek, handigheid, routine, tempo, organisatiezin. Hij leert de realiteit kennen en zijn toekomstig milieu, zodat hij zijn beroepsmotivatie kan meten. Op vlak van persoonlijkheid leert hij beter omgaan met zichzelf en met anderen. De teamgeest wordt ontwikkeld. Jonge leerlingen worden dicht bij huis geplaatst, in meer familiale bedrijven. De leerlingen van de zesde en zevende jaren kunnen naar het buitenland: Nederland, Frankrijk, Engeland, Zwitserland,... Zo ontdekken ze een andere cultuur en verbeteren ze hun taalvaardigheid.
|